De geschiedenis van Schiebroek van zijn ontstaan tot 1941

SCHIEBROEK VAN ONTSTAAN TOT 1817

Van land tot water tot land

De bewoning van Schiebroek gaat tenminste terug tot de vroege middeleeuwen. In de achtste en negende eeuw ontstonden nederzettingen op de kleioevers van rivieren en veenstromen. Eind 15e eeuw is sprake van inwoners van "Sciebrouck". 

In de 17e en 18e eeuw werd door het baggeren van het veen turf gewonnen. Schiebroek kwam bijna geheel onder water te staan.  Van 1772-1780 werd de Schiebroekseplas drooggemalen.

  Lees meer  

SCHIEBROEK VAN 1817 TOT CA. 1920

Zelfstandige gemeente

Schiebroek, dat werd bestuurd vanuit Overschie, werd in 1817 een zelfstandige gemeente met slechts een paar honderd inwoners. Een herberg aan de Kleiweg werd in 1875 raadhuis. 

Schiebroek was en bleef een heel kleine agrarische gemeenschap met slechts zeer basale voorzieningen.

De paardentram kwam bij Plaswijck in Hillegersberg. In 1908 werd de spoorlijn van Rotterdam Hofplein naar Scheve­ningen geopend, met een halte aan de Kleiweg.

  Lees meer  

SCHIEBROEK VAN CA. 1920 TOT 1941

Schiebroek: een tuinstad

In 1920 woonden in de gemeente Schiebroek 772 mensen. De ambitie was van Schiebroek een "tuinstad" te maken. Rond 1930 vond veel nieuwbouw plaats bij de Adrianalaan. Schiebroek kreeg een nieuw raadhuis aan de Ringdijk.

Na het bombardement op Rotterdam op 14 mei 1940 vluchtten Rotterdammers naar Schiebroek. Velen vestigden zich hier permanent.  

Op 1 augustus 1941 werd de gemeente Schiebroek  toegevoegd aan Rotterdam.

  Lees meer