Hillegersberg, héél vroeger
De prehistorie. De natuur maakt het landschap. Rivieren leggen zand neer, de zee stijgt en daalt en de wind blaast zand naar andere plekken. Hillegersberg ontstaat op een zanderige verhoging in het landschap. Dat zand is waarschijnlijk het overblijfsel van een oeverwal langs een oude rivier, al zijn daar ook andere ideeën over.
Er is een verhaal over het ontstaan van Hillegersberg. De reuzin Hillegonda loopt met een schort vol zand van de kust naar het binnenland. Als haar schort scheurt, valt al het zand op de grond. Op die zandberg wordt later Hillegersberg gesticht. Sommige mensen denken dat het zand uit de ijstijd komt en als een hoge bult in het landschap ligt. Anderen denken dat het zand door de wind uit de duinen is meegevoerd.
De verhoging is droger dan het natte veen en moeras eromheen. Daarom is dit een goede plek voor mensen om te wonen. Bij opgravingen vinden archeologen vuurstenen werktuigen. Dat laat zien dat er in de oude geschiedenis al mensen zijn. Op de zandheuvel tussen de Hilleniussingel en de Bergse Dorpsstraat vinden ze ook resten uit de nieuwe steentijd. Dat zijn sporen van jagers en de eerste boeren die hier tijdelijk of een deel van het jaar wonen. Er zijn aanwijzingen dat er in de ijzertijd en in de Romeinse tijd mensen blijven wonen. De plek ligt hoog en droog en dicht bij vaarwegen en handelsroutes. In 1991 doen archeologen opgravingen in het Terbregseveld. Ze vinden een haardplaats van scherven en klei, aangepunte houten paaltjes, stukjes aardewerk en botten van dieren. Ook vinden ze een bijzondere metalen mantelspeld. Dat laat zien dat de mensen hier contact hebben met andere gebieden in de Romeinse tijd. Deze vondsten worden beschreven door Archeologie Rotterdam (BOOR).
Vanaf de vroege middeleeuwen groeit Hillegersberg uit tot dorp. Rond het jaar 950 wordt er een woontoren en een kerk op de hoge zandgrond gebouwd. De naam Hillegersberg komt mogelijk van iemand die Hildegard of Hillegar heet. Dat wijst op een Frankische oorsprong. Door de kerk is Hillegersberg al vroeg een belangrijke plek in de omgeving. In 1426 worden de burcht en de kerk verwoest bij de Hoekse- en Kabeljouwse twisten. De kerk wordt herbouwd, van de burcht (woontoren) rest een ruïne.
In de late middeleeuwen is Hillegersberg een dorp in het graafschap Holland. De mensen leven vooral van landbouw. Ze vissen ook en gaan turf uit het veen winnen. In de tweede helft van de 17e eeuw en het begin van de 18e eeuw beleeft het dorp een bloeitijd door het afgraven van veen. Turf is dan een belangrijke brandstof, Hillegersberg is een belangrijke leverancier van turf aan het sterk groeiende Rotterdam. Door het afgraven en wegspoelen ontstaan grote plassen. Een deel van het water wordt later weggemalen, er ontstaan polders. De Bergse Voorplas en de Bergse Achterplas blijven bestaan.
Tot 1811 wordt Hillegersberg bestuurd als een ambachtsheerlijkheid. Dat betekent dat een ambachtsheer de baas is. Dat kan een particulier zijn of later de stad Rotterdam. De ambachtsheer spreekt recht en heft belastingen. In 1811 verandert dit door de Franse wetgeving in de tijd van Napoleon. Hillegersberg wordt dan een zelfstandige gemeente.
Achtereenvolgens komen aan de orde:
* Hillegersberg van ontstaan tot 1811: geografisch en bestuurlijk
* Hillegersberg van ontstaan tot 1811: wonen en werken